Voor de nieuwe columnreeks De Week Draait Door met Amice Floris laat Pure Luxe-founder Floris Wyers zijn licht schijnen op alles wat hem die week heeft beziggehouden. Van opvallende gebeurtenissen in de wereld van luxe en ondernemen tot nieuws dat hem simpelweg niet loslaat. Met dit keer: kleine, luxe irritaties in een barre wereld.
“De column van vandaag gaat over kleine irritaties – althans, kleine irritaties in mijn beleving. Eigenlijk zijn het luxe-irritaties, maar daarom niet minder aanwezig. Ik heb dat gevoel al mijn hele leven. Het begint vaak met iets waar je net flink in hebt geïnvesteerd, iets waar je trots op bent. Neem bijvoorbeeld een auto. In mijn geval een BMW i7. Nog niet eens zo heel lang op de markt, splinternieuw, alles erop en eraan. En dan, nog voordat je er goed en wel aan gewend bent, komt er ineens een vernieuwd model.
Andere koplampen, andere achterlampen, een net iets strakker interieur. Kleine aanpassingen, maar groot genoeg om jouw versie plotseling tot ‘het oude model’ te bombarderen. En dat terwijl je net een serieus bedrag hebt neergelegd. Het overkomt je niet alleen bij BMW trouwens. Mercedes doet het met de S-Klasse, en ook Bentley, mijn favoriete merk, doet er vrolijk aan mee. Eigenlijk alle merken spelen dit spel. En ik moet eerlijk zeggen: ze weten het elke keer weer nét iets mooier te maken. Misschien is dat juist wat het zo irritant maakt.
Die frustratie beperkt zich niet tot auto’s. Het geldt net zo goed voor andere luxeproducten. Denk aan telefoons, horloges en laptops. De iPhone, de iWatch, of hoe dat ding tegenwoordig heet. de iPad, of die platte laptopcomputer die ik gebruik. Elk jaar is er weer een nieuw model. Sneller, dunner, beter. Terwijl de versie van een jaar geleden nog gewoon perfect functioneert. Er is eigenlijk niets mis mee.
En toch knaagt het. Want ergens wil je die nieuwste versie hebben. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Of misschien omdat het zo wordt gepresenteerd dat het moet. Dat is het spel van die merken: blijven vernieuwen, blijven verleiden. Terwijl het in de kern vaak helemaal niet nodig is.
Het zijn dus, laten we eerlijk zijn, luxeproblemen. Problemen die voortkomen uit overvloed in plaats van schaarste. Maar dat maakt ze niet minder herkenbaar. Soms voelt het zelfs alsof die merken hun eigen markt een beetje kapotmaken, of in ieder geval mijn portemonnee. Want elke upgrade kost weer geld, terwijl het oude nog prima volstaat.
Luxe-irritaties dus, in barre tijden in de wereld. Misschien zit daar wel de echte ironie.”